Afgelopen donderdag hebben onze jeugdschakers weer hard gewerkt aan hun schaakkennis. Voor de kinderen die met Stap 1 bezig zijn, stonden drie belangrijke begrippen centraal: schaak, schaak opheffen en mat.

Wanneer staat je koning schaak? Wat kun je doen om het schaak op te heffen? En wanneer is het echt afgelopen en staat de koning mat? Belangrijke basiskennis die iedere schaker goed onder de knie moet krijgen.

Volgende week: rokade en ruilen

Aanstaande donderdag gaan we bij Stap 1 verder met twee nieuwe onderwerpen.

We beginnen met de rokade. Dat is een bijzondere zet, want het is de enige zet bij schaken waarbij je twee stukken tegelijk mag verplaatsen: de koning en een toren. We leren hoe de rokade precies werkt, wanneer je wel en niet mag rokeren en waarom het vaak verstandig is om je koning op tijd in veiligheid te brengen.

Daarna gaan we kijken naar ruilen en voordelig ruilen. Een stuk slaan is namelijk niet automatisch een goede zet. Wat gebeurt er als de tegenstander daarna jouw stuk terugslaat? Welke stukken zijn ongeveer evenveel waard? En wanneer levert een ruil juist voordeel op?

Zo leren de kinderen steeds meer om niet alleen te kijken naar wat ze kunnen slaan, maar ook alvast na te denken over wat er daarna gebeurt.

Stap voor stap bouwen we zo verder aan een goede schaakbasis.

Tot donderdag en veel schaakplezier!