Een duik in het verleden van de LSV
De Lelystadse Schaakvereniging bestaat sinds 1975 en inmiddels hebben we ons 50-jarig jubileum mogen vieren. Over de eerste decennia van onze vereniging was echter maar weinig bewaard gebleven, althans, dat dachten we.
Onlangs ontvingen we van Remco Johanns een bijzonder archief, dat voor een groot deel bestaat uit oude clubbladen. In een tijd waarin websites, e-mail en WhatsApp nog niet bestonden, waren deze bladen dé manier om leden op de hoogte te houden van het wel en wee binnen de vereniging.
Over de allereerste jaren van de LSV, in de jaren zeventig, hebben we helaas nog nauwelijks informatie kunnen terugvinden. De oudste clubbladen in het archief dateren uit 1982. Maar wie erin begint te bladeren, ontdekt al snel een schat aan informatie.
Zo komen we te weten op welke locaties de LSV vroeger haar clubavonden hield, wie destijds in het bestuur zaten, hoe competities verliepen en wat de leden bezighield. Namen, uitslagen, verhalen en gebeurtenissen die anders langzaam uit het geheugen zouden verdwijnen, komen zo weer boven water.
Op deze pagina willen we stukje bij beetje de geschiedenis van de LSV opnieuw tot leven brengen.
Begin jaren tachtig verscheen het clubblad van de LSV onder de naam ’t (S)pionnetje. Hoewel in de bewaard gebleven exemplaren geen vaste speellocatie wordt vermeld, duikt wel regelmatig de Brugzaal op. Voor veel oud-Lelystedelingen is dat een bekende naam: de zaal bevond zich boven het Lelycentre. Hier vonden in die jaren schaakavonden en toernooien van de vereniging plaats.
De Brugzaal
De Brugzaal in het Lelycentre was in de pioniersjaren van Lelystad een belangrijke ontmoetingsruimte. De eerste Brugzaal bevond zich in het achterste gedeelte van de toenmalige Albert Heijn, op de plek waar tegenwoordig Lidl zit. De ruimte werd vanaf eind jaren zestig gebruikt voor allerlei activiteiten: er werden films vertoond, vergaderingen gehouden en kerkdiensten georganiseerd. Ook het boven de winkels gelegen Brugplein groeide uit tot een ontmoetingsplek voor de eerste inwoners van de jonge stad.
De zaal speelde zelfs een rol bij de officiële opening van het Lelycentre op 8 oktober 1970: de openingstoespraak van landdrost Will Otto vond plaats in de Brugzaal, waarna de winkeliers de sleutels van hun nieuwe winkelpanden kregen.
Voor de geschiedenis van de LSV is de Brugzaal extra interessant. Uit oude clubbladen blijkt dat ook de schaakvereniging hier haar activiteiten organiseerde. Daarmee was de Brugzaal niet alleen een ontmoetingsplaats voor de jonge stad, maar ook een van de vroege speelplekken van de Lelystadse Schaakvereniging.
Van ’t (S)pionnetje naar Voorpost
Begin 1986 veranderde ook bij de LSV iets. Het vertrouwde clubblad ’t (S)pionnetje kreeg een nieuwe naam: Voorpost. Uit het clubblad blijkt dat de oude naam te veel leek op De Spion, het clubblad van ZSG uit Zwolle. Met Voorpost koos de vereniging daarom voor een eigen, herkenbare naam.
De naamswijziging viel toevallig samen met een bijzonder moment in de geschiedenis van Lelystad. Op 1 januari 1986 werd Flevoland officieel de twaalfde provincie van Nederland en werd Lelystad de provinciehoofdstad. Enkele dagen later, op 9 januari, werd de nieuwe provincie in Lelystad officieel geproclameerd in aanwezigheid van koningin Beatrix.
Zo begon 1986 zowel voor Lelystad als voor het clubblad van de LSV met een nieuwe naam en een nieuw hoofdstuk.
De Meerkoet – jarenlang de thuisbasis van de LSV
Vanaf midden jaren 80 vinden we de Lelystadse Schaakvereniging terug in De Meerkoet aan het Stadspark. Uit bewaard gebleven clubbladen weten we inmiddels dat de LSV hier al in 1985 haar clubavonden hield. Een Voorpost van 31 maart 1994 bevestigt dat enkele jaren later nog eens heel duidelijk met de vermelding: “Schaken op donderdagavond in ‘de Meerkoet’, Stadspark 1-3.” De Meerkoet was daarmee gedurende meerdere jaren de vaste ontmoetingsplek voor de schakers van de LSV.
De vereniging schaakte bovendien op een locatie die nauw verbonden was met de geschiedenis van Lelystad. Café-restaurant De Meerkoet opende op 15 augustus 1967, in de pioniersperiode van de stad. In die eerste jaren was het een belangrijke ontmoetingsplaats in een Lelystad waar nog maar weinig voorzieningen waren. Andere bronnen beschrijven De Meerkoet eveneens als een centrale horecagelegenheid in de jonge stad.
De Meerkoet was meer dan een restaurant. Het gebouw beschikte over een theater- en evenementenzaal en een café-restaurant dat ook als foyer werd gebruikt. Er vonden voorstellingen, feesten en verenigingsactiviteiten plaats. Op de luchtfoto van omstreeks 1970 is goed te zien hoe bijzonder de omgeving toen nog was: het gebouw stond vrijwel vrij in het jonge Stadspark, omgeven door groen en het nog grotendeels onbebouwde Lelystad.
Ruim twintig jaar later zaten hier dus de schakers van de LSV iedere donderdagavond achter het bord. En De Meerkoet bleef ook buiten de gewone clubavonden belangrijk voor de vereniging. In februari 1996, toen de LSV meer dan twintig jaar als zelfstandige vereniging bestond, organiseerde het bestuur er een feestelijke maaltijd voor leden, oud-leden en partners. Het verslag in Voorpost spreekt over feestelijk gedekte tafels, kaarslicht, een overvloedige maaltijd en vooral veel gelegenheid om oude bekenden weer te ontmoeten.
Café-restaurant De Meerkoet in het Stadspark, circa 1970. Ruim twintig jaar later hield de LSV hier haar wekelijkse schaakavond. Foto: oude ansicht, archief Aalt Selles.
1997 – van De Meerkoet naar De Brink
In september 1997 sloeg de Lelystadse Schaakvereniging opnieuw haar schaakborden en klokken onder de arm. Na jarenlang op donderdagavond in De Meerkoet aan het Stadspark te hebben gespeeld, verhuisde de vereniging naar Buurtcentrum De Brink in de Griend.
De Brink was op dat moment bepaald geen nieuw buurthuis. Het was rond 1980 door de gemeente Lelystad opgericht, in een periode waarin verspreid over de jonge stad verschillende buurthuizen werden geopend. Aanvankelijk waren daar zelfs meerdere professionele welzijns- en activiteitenmedewerkers werkzaam.
Juist enkele jaren vóór de komst van de schakers was er veel veranderd. In 1994 wilde de gemeente stoppen met de bestaande opzet van de buurthuizen. De centra kregen de mogelijkheid om zelfstandig verder te gaan wanneer vrijwilligers bereid waren de organisatie over te nemen. De Brink koos voor die weg en werd een zelfstandige stichting, met een eigen huurcontract en subsidie om het buurtcentrum draaiende te houden. De organisatie kwam daarmee veel nadrukkelijker in handen van vrijwilligers.
Toen de LSV er in 1997 haar intrek nam, kwam de schaakvereniging dus terecht in een buurtcentrum dat juist een nieuwe fase was ingegaan. Dat paste eigenlijk uitstekend bij een schaakclub: De Brink bood onderdak aan clubs en verenigingen en was bedoeld als een plek waar bewoners zelf activiteiten konden organiseren. Ook tegenwoordig vervult het centrum die functie nog steeds.
Ook Lelystad zelf bevond zich in die jaren in een overgangsperiode. De snelle groei uit de eerste decennia was tot stilstand gekomen: in 1997 telde Lelystad ongeveer 60.500 inwoners. Halverwege de jaren negentig besloot de gemeente daarom opnieuw sterk op groei in te zetten. In 1996 was het Masterplan Versnelde Groei vastgesteld, met de ambitie Lelystad binnen tien jaar naar 80.000 inwoners te laten groeien. De echte nieuwe groeispurt zou pas rond de eeuwwisseling zichtbaar worden.
Voor de LSV begon ondertussen in De Brink een bijzonder lang hoofdstuk. Waar De Meerkoet verbonden was met de pioniersjaren van Lelystad, was De Brink veel meer een echt buurt- en verenigingscentrum. De schaakclub zou er jarenlang haar vaste clubavond houden, wedstrijden spelen en activiteiten organiseren.
Dat De Brink uiteindelijk veel meer werd dan zomaar een tijdelijk onderkomen, bleek bijvoorbeeld in 2016. Bijna twintig jaar na de verhuizing vierde de LSV juist daar haar 40-jarig bestaan. Leden, oud-leden en oud-jeugdleden kwamen naar De Brink om samen te schaken, herinneringen op te halen en het jubileum te vieren. Tijdens die avond werd bovendien het oude ‘schaduwarchief’ met clubbladen aan de vereniging overgedragen — precies het archief waaruit we nu een deel van deze geschiedenis weer boven water halen.
Zo werd de verhuizing in september 1997 meer dan alleen een verandering van speelzaal: De Brink werd voor een nieuwe generatie LSV-leden het vertrouwde thuis van de vereniging.
Van ’t (S)pionnetje tot De Voorpost
De LSV had niet vanaf het begin een eigen clubblad. In de eerste jaren na de oprichting moest de vereniging het zonder doen. Dat veranderde in 1982, toen het eerste nummer van ’t (S)pionnetje verscheen.
Het maken van zo’n clubblad was in die tijd een behoorlijk karwei. De teksten werden op een schrijfmachine op stencils getypt. Voor diagrammen en afbeeldingen werd een mechanische scanner gebruikt waarmee het beeld als het ware in het stencil werd gebrand. Daarna volgden het afdrukken, verzamelen, vouwen en samenstellen van de bladen. Een wereld van verschil met de digitale middelen waarmee verenigingsnieuws tegenwoordig wordt gemaakt.
In 1986 kreeg het blad een nieuwe naam: Voorpost. Die naam zou, met enkele onderbrekingen en later als De Voorpost, jarenlang verbonden blijven aan de vereniging.
De verschijningsfrequentie was niet altijd even regelmatig. In 1988 verscheen bijvoorbeeld helemaal geen clubblad en ook van 1996 tot en met 1999 bleef het stil. In 2000 werd Voorpost nieuw leven ingeblazen. Inmiddels werd het blad met de computer gemaakt en op A4 geprint, waarna de pagina’s werden geniet, gevouwen en later zelfs met een lijmband werden ingebonden.
Juist dankzij al die vrijwilligers die door de jaren heen artikelen schreven, partijen analyseerden, diagrammen maakten, kopieerden, nietten en vouwden, beschikken we tegenwoordig over een bijzonder stukje verenigingsgeschiedenis. De oude clubbladen vertellen niet alleen over het schaken, maar ook over de mensen, locaties en gebeurtenissen die de LSV door de jaren heen hebben gevormd.
Verhalen van onze leden – Wietske Stapersma
Voorpost ging niet alleen over competitiewedstrijden, standen en verenigingsnieuws. Leden gebruikten het clubblad ook om hun eigen schaakbelevenissen te delen. Soms kom je daardoor jaren later verhalen tegen die veel meer vertellen over de mensen achter de schaakborden.
Een mooi voorbeeld is Wietske Stapersma. In De Voorpost schreef zij het luchtige reisverslag ‘Schaakvakantie in Frankrijk’, over een vakantie op Camping La Rochade, waar het schaken een belangrijke plaats innam. Er was een schaakzaal, er stonden schaakborden aan de picknicktafels en er werden simultaans en toernooitjes georganiseerd. Op de foto’s bij het artikel zien we Wietske dan ook precies zoals je bij zo’n vakantie zou verwachten: buiten, tussen het kampeergerei, met een schaakbord voor zich.
Achter dat vrolijke vakantieverhaal blijkt echter nog een bijzonder schaakverhaal te zitten. Haar man Dick Stapersma, die haar leerde schaken, herinnert zich dat Wietske tijdens haar eerste vier jaar bij de LSV uitsluitend partijen verloor. De onderkant van de vereniging was destijds klein en zelfs de zwakste spelers beschikten volgens Dick over tientallen jaren schaakervaring. Voor een beginnende schaker was het daardoor bijzonder moeilijk om eens een partij te winnen.
Wat Wietske zelf niet merkte, was dat ze in die jaren ondertussen enorm vooruit was gegaan. Omdat succes bij de LSV uitbleef, besloten Dick en Wietske na vier jaar óók in Almere te gaan schaken. Daar was het niveauverschil tussen de spelers veel groter en waren er meer tegenstanders van haar eigen speelsterkte.
Die beslissing pakte verrassend goed uit. Dick vertelt dat Wietske op haar allereerste avond in Almere tegenover de kampioen van de D-poule kwam te zitten. Na jarenlang zonder overwinning te hebben geschaakt, won ze die partij in ongeveer twintig minuten.
Zoals Dick het zelf mooi samenvat: “Toen was het leed geleden.”
Het verhaal laat ook iets zien waar verenigingen nog altijd mee te maken hebben: voor beginnende schakers is het belangrijk dat er tegenstanders van ongeveer hetzelfde niveau zijn. Zonder die brede basis kan iemand het gevoel krijgen nauwelijks vooruit te gaan, terwijl het tegendeel waar kan zijn.
En Wietske? Die liet het schaken in ieder geval niet los. Zelfs tijdens de vakantie ging het schaakbord mee.
Wietske Stapersma tijdens haar schaakvakantie in Frankrijk. Vier jaar lang wist ze bij de LSV geen partij te winnen – zonder te beseffen hoeveel sterker ze ondertussen was geworden. Uit: De Voorpost.
Van bijna verdwenen naar een volle Brink
Rond de eeuwwisseling ging het bepaald niet vanzelf met de LSV. In augustus 2001 verkeerde de vereniging volgens een terugblik in Voorpost in zwaar weer. De club telde nog slechts 25 leden, meer dan de helft daarvan was ouder dan vijftig jaar en een jeugdafdeling was er niet meer. Ook op de wekelijkse clubavond kwamen steeds minder schakers opdagen.
Maar wat daarna gebeurde, was opmerkelijk. Er kwam een nieuwe impuls binnen de vereniging. De jeugdopleiding werd opnieuw opgezet en ook rond de organisatie van wedstrijden ontstond nieuwe energie. Hagar Bos werd benaderd om het wedstrijdleiderschap op zich te nemen en wist volgens Voorpost onder andere grootmeesters naar Lelystad te halen en schakers uit heel Flevoland bijeen te brengen.
Op 18 april 2003 zag de wereld er plotseling heel anders uit. Buurthuis De Brink zat volgens het clubblad stampvol. Er moesten steeds meer tafels worden aangesleept om alle schaakliefhebbers een plaats te kunnen bieden. Op dat moment meldde zich bovendien het 69e lid van de vereniging aan.
In nauwelijks anderhalf jaar tijd was de LSV daarmee gegroeid van 25 naar 69 leden. Een vereniging die in 2001 nog voor haar voortbestaan leek te moeten vrezen, bruiste in het voorjaar van 2003 weer van activiteit.
Ook de schaakwereld buiten Lelystad merkte dat op. Voorzitter Martin Beenhakker liep in De Brink rond met een wisseltrofee die door de Oostelijke Nederlandse Schaakbond aan de LSV was toegekend vanwege haar “bijzondere schaakactiviteiten”.
De Brink, waar de LSV in september 1997 haar intrek had genomen, werd zo het decor van een van de opvallendste wederopstandingen uit de geschiedenis van de vereniging.
Regerend Nederlands kampioen Loek van Wely tijdens de simultaan in het stadhuis van Lelystad, 6 mei 2006. De deelnemers mochten tijdens hun partij zelfs één keer advies vragen aan de grootmeester. Foto: uit De Voorpost.
2006 – Schaken tegen Nederlands kampioen Loek van Wely
Op 6 mei 2006 kreeg Lelystad bijzonder schaakbezoek. Regerend Nederlands kampioen Loek van Wely kwam naar het stadhuis om het in een simultaan op te nemen tegen schakers uit Lelystad. Voor de LSV was het een evenement waarvoor flink wat werk was verzet.
Een belangrijke rol daarbij speelde Wilma van Schaijk. Zij was volgens het verslag de initiatiefnemer en stuwende kracht achter de simultaan. Wilma wist sponsors te vinden, het benodigde geld bijeen te brengen en Van Wely daadwerkelijk naar Lelystad te halen. Samen met een tiental andere vrijwilligers zorgde zij ervoor dat het evenement van de grond kwam.
De middag werd geopend door Tjeerd van der Zwan namens de gemeente Lelystad en Tonnie van der Plas namens de LSV. Maar voordat de schaakstukken in beweging kwamen, gebeurde er iets minder voor de hand liggends: de Salsa-dansclub uit De Brink verzorgde een optreden. Zelfs Van Wely waagde samen met Wilma een paar pasjes.
Daarna kon het echte werk beginnen. De deelnemers namen achter hun borden plaats en Van Wely liep van bord naar bord. De simultaan had daarbij een opvallend ontspannen en leerzaam karakter. Iedere deelnemer kreeg twee jokers: één voor een toiletbezoek en één voor een extra denkpauze. Bovendien mocht iedere speler tijdens de partij één keer advies vragen aan de grootmeester. Volgens het verslag maakten veel deelnemers zelfs vaker een praatje met Van Wely, die daar vriendelijk en rustig op inging.
Speciaal voor de jeugd gaf Hans Larooij ondertussen in het gebouw een aparte simultaan. Hoewel het mooie weer ervoor zorgde dat de publieke belangstelling wat tegenviel, kreeg het evenement volgens De Voorpost behoorlijk wat aandacht in de regionale media.
Het werd daarmee veel meer dan alleen een middag schaken. De LSV bracht een regerend Nederlands kampioen naar het hart van Lelystad en maakte er samen met vrijwilligers, jeugd, gemeente en zelfs een salsa-dansclub een echt verenigingsevenement van.
2012 – Schaakfestijn met Jop Delemarre
Op zaterdag 14 januari 2012 stond het Stadhuis van Lelystad opnieuw in het teken van het schaken. De LSV en de gemeente Lelystad organiseerden er samen een groot en gratis schaakfestijn voor jong en oud, van beginnende schakers tot ervaren clubspelers.
Na de officiële opening door wethouder Willem de Jager was de hoofdrol weggelegd voor Internationaal Meester Jop Delemarre, voormalig Nederlands jeugdkampioen. Rond twee uur begon hij aan een simultaan tegen tientallen deelnemers. In hoog tempo ging Delemarre van bord naar bord om het tegen alle spelers tegelijk op te nemen.
Na de simultaan konden de deelnemers bovendien nog iets van de meester opsteken. Tijdens een schaakclinic besprak Delemarre een aantal interessante stellingen op het demonstratiebord. Deelnemers konden hun eigen partij noteren in een speciaal souvenirboekje en dat na afloop door hem laten signeren.
Ook voor jonge en beginnende schakers was er volop gelegenheid om achter het bord plaats te nemen. Tom Draisma, zomerkampioen van 2011 en voormalig jeugdleider van de LSV, verzorgde een aparte simultaan voor schooljeugd en beginners. Daarnaast konden bezoekers vrij schaken, boeken bekijken en kennismaken met de vereniging.
Het schaakfestijn was een initiatief van LSV-lid Roel de Jong en werd gezamenlijk georganiseerd door de Lelystadse Schaakvereniging en de gemeente Lelystad, met ondersteuning van Dolmans Facilitaire Diensten.
Zo veranderde het Stadhuis die zaterdagmiddag even in een grote schaakzaal en liet de LSV het Lelystadse publiek op een laagdrempelige manier kennismaken met het schaken.
Bron: LSV-persbericht nr. 01, 6 januari 2012.
2020 – Corona, een stille schaakzaal en een nieuw onderkomen
Het voorjaar van 2020 bracht een situatie die niemand binnen de Lelystadse Schaakvereniging eerder had meegemaakt. Door de uitbraak van het coronavirus kwam het verenigingsleven vrijwel volledig tot stilstand. Ook voor de LSV betekende dit dat de vertrouwde schaakavond plotseling wegviel. Geen volle schaakzaal, geen partijen tegenover elkaar aan het bord en vooral: veel minder contact tussen de leden.
Toen er in de loop van het jaar voorzichtig weer wat mogelijk werd, moest ook de LSV zoeken naar een manier om het schaken weer op te starten. Juist in deze moeilijke periode werd bovendien besloten een grote verandering door te voeren.
In december 2020 verhuisde de LSV van Buurtcentrum De Brink naar Buurtcentrum De Bever. Daarmee kwam na ruim 23 jaar een einde aan het tijdperk De Brink, waar de vereniging sinds september 1997 haar thuis had gehad.
Die stap kwam niet vanzelf tot stand. Wilma Suwerink, Nico van Schaijk, Konrad Groen, Dick Stapersma, Evander Kwee en Jan van den Brom zetten zich ervoor in om de verhuizing mogelijk te maken en de vereniging in deze uitzonderlijke omstandigheden een nieuw onderkomen te geven.
De timing kon bijna niet ingewikkelder zijn. Het schaken mocht stukje bij beetje weer worden hervat, maar de coronamaatregelen veranderden voortdurend. Kort na de verhuizing volgde bovendien opnieuw een strenge lockdown. Het duurde daardoor nog geruime tijd voordat De Bever werkelijk als de nieuwe thuisbasis van de vereniging kon gaan voelen.
Toch bleek de verhuizing achteraf een belangrijk moment. Midden in een periode waarin het verenigingsleven vrijwel tot stilstand was gekomen, werd juist gewerkt aan de toekomst van de LSV. Na De Meerkoet en 23 jaar De Brink begon in De Bever een nieuw hoofdstuk in de geschiedenis van de vereniging.
2023 – Een nieuw thuis in De Krakeling
Na ruim twee bijzondere jaren in Buurtcentrum De Bever verhuisde de Lelystadse Schaakvereniging begin 2023 opnieuw. Ditmaal gingen de schaakborden en klokken naar De Krakeling, waar de vereniging een nieuw onderkomen vond.
De verhuizing viel samen met een periode waarin het verenigingsleven na de coronajaren weer steeds meer zijn normale vorm had teruggekregen. De wekelijkse clubavond kon weer gewoon een ontmoetingsplek zijn waar jeugdleden hun schaaklessen volgen, competities worden gespeeld en leden elkaar achter én naast het schaakbord treffen.
De Krakeling bleek een goede nieuwe thuisbasis voor de LSV. Sinds de verhuizing begin 2023 vinden hier de vaste clubavonden en veel van de activiteiten van de vereniging plaats.
Daarmee is De Krakeling voorlopig het nieuwste hoofdstuk in een lange reeks van Lelystadse locaties waar de vereniging haar thuis heeft gehad. Van de Brugzaal en De Meerkoet, via ruim 23 jaar in De Brink en de bijzondere coronaperiode in De Bever, tot De Krakeling – de plek waar we vandaag de dag nog steeds iedere week de stukken op het bord zetten.
2025 – De LSV bestaat 50 jaar
Op 27 september 2025 was het precies vijftig jaar geleden dat de Lelystadse Schaakvereniging werd opgericht. Een bijzondere mijlpaal voor een vereniging die in die halve eeuw heel wat veranderingen heeft meegemaakt.
In vijftig jaar tijd speelde de LSV op verschillende locaties in Lelystad, kwamen en gingen generaties schakers en veranderde ook de manier waarop de vereniging werd georganiseerd. Van de eerste jaren in de Brugzaal en de lange periode in De Meerkoet, via meer dan twintig jaar De Brink en de bijzondere coronajaren in De Bever, tot het huidige onderkomen in De Krakeling. Maar één ding bleef al die jaren hetzelfde: iedere week kwamen mensen bij elkaar om te schaken.
Het 50-jarig bestaan werd op zaterdag 27 september feestelijk gevierd. Daarbij stond niet alleen het verleden centraal, maar juist ook de toekomst van de vereniging. De middag begon met een jeugdtoernooi, een passende start van de jubileumviering. Waar vijftig jaar eerder de eerste leden achter het bord plaatsnamen, zat nu een nieuwe generatie jonge Lelystadse schakers tegenover elkaar.
Later op de dag kwamen leden, oud-leden en andere betrokkenen bij elkaar. Tijdens het gezamenlijke buffet werden oude bekenden weer ontmoet en kwamen vanzelf de verhalen uit vroegere jaren boven tafel. Over bijzondere partijen en clubavonden, over mensen die jarenlang bij de vereniging betrokken waren en natuurlijk over de verschillende locaties waar de LSV door de jaren heen haar thuis heeft gehad.
Ook op een jubileum van een schaakvereniging moeten de stukken natuurlijk op het bord komen. Roger LaBruyere verzorgde daarom een simultaan, waarbij hij het tegelijkertijd tegen meerdere tegenstanders opnam. Daarmee kreeg het jubileum naast alle herinneringen en ontmoetingen ook een sportief slot.
Het feest liet eigenlijk in één middag zien wat de LSV gedurende vijftig jaar bij elkaar heeft gehouden. Niet alleen het schaakspel zelf, maar vooral de mensen eromheen: de spelers, jeugdleden, ouders, bestuursleden, wedstrijdleiders en vele vrijwilligers die ervoor zorgden dat de vereniging steeds weer verder kon.
Het jubileum vormde daarmee een mooi moment om terug te kijken op alles wat sinds 1975 is gebeurd. Tegelijkertijd was het geen eindpunt. Terwijl oud-leden herinneringen ophaalden, zat de jongste generatie alweer achter het schaakbord.
Vijftig jaar LSV was gevierd. De volgende partij was alweer begonnen.
U bent van harte welkom!
De schaakclub is gevestigd in Buurthuis de Krakeling. De speelavond is op Donderdag. De jeugd speelt van 18.45 tot 19.45 en daarna beginnen de senioren.
Buurthuis de Krakeling
Atolplaza
Schor 15
Lelystad
E-mail: schaak-voorzitter@outlook.com
Neem contact op
Kom gerust eens langs op onze schaakavond. Je bent van harte welkom, of je nu beginner bent of al langer schaakt. De speelavond is op donderdagavond,
Telefoon
06 11150841
Wij staan je graag te woord.
Buurthuis de Krakeling
Atolplaza
Schor 15, Lelystad
schaak-voorzitter@outlook.com
Of vul het contactformulier in.



